De tien geboden van de gemotiveerde taalleerder (deel 1) 2


U wil taalles volgen omdat u beter wil communiceren met uw collega’s, uw schoonfamilie of met de juf van uw zoon. Prima idee! Privélessen vormen qua tijd en geld toch een hele investering, dus wil u er het maximum uithalen. Een competente taaltrainer kiezen is dan de eerste stap; de rest, dat doet u zelf.
Als taaltrainer Nederlands heb ik al enkele tientallen studenten zien komen en gaan. Op basis van mijn ervaringen stel ik u graag de tien geboden van de gemotiveerde taalleerder voor. Mijn eerste vijf geboden leest u hieronder, de volgende vijf leest u over een week.

 

1. Gij zult al het nodige materiaal meebrengen.

Wat neemt u mee naar de les? Het klinkt simpel: wat papier en een pen. Dat klopt natuurlijk ook, maar wie rechtstreeks na het werk naar de les vertrekt, kan dit wel eens vergeten. Steek al uw lesnotities en andere documenten samen in een map, haak er meteen een balpen achter en u komt al een heel eind. Overlaadt de trainer u met documenten, vergeet ze dan zeker niet te dateren of te nummeren, anders wordt het al snel een onoverzichtelijk boeltje.
Volgt u les via Skype? Dan staat het meeste materiaal waarschijnlijk op uw computer, misschien in een map die de lesgever met u deelt. Veel hebt u dus niet nodig, al raad ik wel aan een headset te gebruiken: zo verdringt u alle omgevingsgeluiden naar de achtergrond en kan u zich optimaal concentreren op de les.

 

2. Gij zult uw huiswerk maken.

“Oei, sorry, ik had geen tijd voor mijn huiswerk omdat ik gisteren een deadline had.”
“Ai, mijn huiswerk ligt nog thuis.” (Yeah right, die heb ik als leerling zelf meermaals gebruikt!)
Huiswerk is geen straf. Huiswerk is een manier om nieuwe kennis te consolideren, op uw eigen tempo, zodat er in de les vooral gesproken kan worden in plaats van dat u samen grammaticaoefeningen maakt of samen een tekst leest (tenzij dit net is wat u wil). Wees niet flauw, maak gewoon uw huiswerk en u krijgt een schouderklopje als beloning.
Vindt u uw huiswerk nutteloos of oninteressant? Zeg dat dan gewoon; een goede trainer houdt hier rekening mee en zal u de volgende keer een ander soort opdrachten voorstellen.

book-15584 (1)

Saaie lessen, oninteressant huiswerk? Bespreek het met uw taaltrainer!

 

3. Gij zult uw lesgever over uw verwachtingen informeren.

Bent u niet alleen ontevreden over het huiswerk, maar over de inhoud van de lessen in het algemeen, klaag er dan niet over tegen uw collega’s en vrienden, maar spreek de lesgever hierover aan. Als taaltrainer verzorg ik lessen op maat, maar vooral in het begin van de cursus komt dit een beetje neer op nattevingerwerk. Welke artikels of video’s u leuk vindt en op uw begripsniveau zitten, waarover u precies praat met uw collega’s, wat uw doelen en verwachtingen nu eigenlijk zijn, … is ook voor mij niet altijd meteen duidelijk. Vertel de trainer dus wat voor u het belangrijkst is en hij of zij zal er samen met u naartoe werken.

 

4. Gij zult uw leerproces sturen.

Het is niet de taaltrainer die al het werk moet doen. Dat bent u. Echt waar.
De lesgever is uw gids die u begeleidt op weg naar nieuwe kennis. Om die nieuwe kennis te bereiken, zal u echter uw leerproces zelf in handen moeten nemen. U zal zelf moeite moeten doen, u zal zelf tijd moeten zoeken om te studeren en te oefenen. In de les komen zitten, wachten tot u weer naar huis mag en dan denken dat u iets bijleert: zo werkt het niet. Jammer hé?

 

5. Gij zult elke oefenkans met beide handen grijpen.

– “Ik kan niet oefenen, want bijna niemand in Brussel spreekt Nederlands.”
– “Kan je geen Nederlands praten met je collega’s?”
– “Ja, maar zij spreken perfect Frans en ik maak zoveel fouten … / Ja, maar we hebben geen tijd om Nederlands te spreken.”
Ik krijg regelmatig cursisten voor me die alleen met mij Nederlands spreken. Dat is dan bijvoorbeeld anderhalf uur per week. Er zijn 168 uren in een week. Die persoon spreekt dus 2,52% van de tijd Nederlands. Beetje weinig, nee?
Oefenkansen vinden is niet altijd makkelijk en vraagt tijd, maar het kan. Enkele suggesties:

  • Spreek één keer per week enkele minuten uw doeltaal met een collega of vriend en bouw dit op naar een uur per week. Probeer na een tijd uitsluitend de doeltaal met hem of haar te gebruiken.
  • Zoek een native speaker van uw doeltaal die uw taal wil leren. Wissel af: spreek eerst een half uurtje uw eigen taal, dan een half uurtje de taal van de andere. Ga samen een koffie drinken, maak een stadswandeling of hou een babbel via Skype.
  • Lees, luister en kijk. Bronnen genoeg op het wereldwijde web! Vraag uw trainer om advies, vooral als beginner. Maak het ook niet te moeilijk: bekijk niet meteen een hele film in uw doeltaal, maar begin met een stukje uit het journaal. Bekijk dit eventueel meermaals, zodat u telkens nieuwe informatie kan oppikken. Hebt u een specifieke hobby, zoals paardrijden of taarten bakken, lees dan vaktijdschriften in de doeltaal. Bouw ook hier geleidelijk aan op, door met een kort artikel te beginnen.

 

Wat denkt u, maken deze vijf geboden het verschil? Zijn er nog andere geboden die u in deze lijst mist? Die komen misschien in het volgend blog wel aan bod, waarin ik u mijn laatste vijf geboden uit de doeken doe.

 


Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

2 gedachten over “De tien geboden van de gemotiveerde taalleerder (deel 1)

    • nickyws Bericht auteur

      Dag Nadine, bedankt voor je commentaar! Ik hoop dat je er iets aan hebt. Aarzel ook niet om commentaar te geven als je het niet eens bent, of om vragen te stellen 🙂 Deel twee komt er zo meteen aan!